‘Het is ook overal hetzelfde… gelukkig maar!’

Afgelopen week sprak ik een aantal moeders, zomaar kort even bij school of in het voorbijgaan op weg naar de volgende afspraak. Vaak gaat het dan over de kinderen. Rennen en vliegen van het een naar het ander, even snel thuis eten tussen de middag, hup weer naar school, daarna naar de gym/zwemles/ kinderfeestje/ tandarts etc.

Een doordeweekse dag kan er hectisch uitzien. Heel herkenbaar voor mij, want ik ben ook moeder van twee jonge kinderen. Op de dagen dat ik niet werk, heb ik het soms drukker dan wanneer ik op de praktijk ben. Het vergt een hoop organisatie en planning om de dag door te komen. En wanneer je dan even geen afspraak of verplichting hebt, maar na schooltijd lekker thuis bent met de kinderen, krijgen ze om de haverklap ruzie met elkaar! Waarom gebeurt dit toch steeds? En kunnen ze nou niet gewoon even leuk samen spelen?

Ook bij mij thuis gebeurt dit regelmatig. Vermoeiend, vervelend en ongezellig…. Ik deel graag mijn eigen ervaringen met andere moeders en vind het prettig als ze dat ook met mij doen. ‘Het is ook overal hetzelfde’ hoor ik dan. En ja, dat klopt vaak ook. Het ‘feest der herkenning’, noem ik dat. ‘Oh, gelukkig is dat bij jou ook zo’, hoor ik ook regelmatig. Jazeker! Ik heb ook een ‘normaal huishouden’ waarbij mijn kinderen elkaar in de haren vliegen, hun bord niet leegeten en ’s avonds niet naar bed willen. Regelmatig staat er nog een kind midden in de nacht naast mijn bed en sta ik ’s ochtends op met wallen tot op mijn knieën. Leuk? Nee, zeker niet…. Ligt het aan mij? Nee, ook niet! Dit hoort er allemaal bij en ja, zo gaat het bij andere moeders ook!

Maar waarom maken broers en zussen zoveel ruzie met elkaar? Broers en zussen leren in het dagelijkse leven van elkaar wat ze wel en niet kunnen maken. Ze leren van elkaar om op een veilige manier voor zichzelf op te komen, ruzie te maken en conflicten op te lossen. Die veiligheid is er omdat ze hun relatie niet kunnen verbreken zoals bij vriendschappen. Broer en zus ben je voor het leven. Broers en zussen doen elkaar ook vaak na en vergelijken zich onderling met elkaar. Op deze manier leren ze hun eigenheid ontwikkelen. Ze worden hun eigen persoon.  Daarbij hoort het dat ze soms jaloers zijn op elkaar.

Hoe vervelend het voor ouders ook kan zijn om tussen je ruziënde kinderen te zitten. Het is iets natuurlijks en leerzaams. Het is ook niet altijd nodig om in te grijpen. Grijp pas in als je ziet dat ze er samen niet uitkomen of de situatie onveilig is.

Een aantal tips om ruzies te verminderen*:

  • Breng regelmatig tijd met elkaar door als gezin om leuke dingen te doen. Dit stimuleert de band tussen broers en zussen.
  • Onderneem regelmatig iets met elk van je kinderen apart. Al zijn het maar een paar minuutjes per dag. Dit betekent veel voor je kind en kan ruzie om jouw aandacht voorkomen.
  • Zorg ervoor dat je kinderen voldoende tijd hebben om hun eigen dingen te doen. Bewust tijd apart kan ook heel goed werken op drukke momenten aan het eind van de dag om strijd te voorkomen.

Toch ingrijpen? Probeer het volgende*:

  • Verwoord hun gevoelens.
  • Vertel in hun taal wat jij denkt dat er aan de hand is.
  • Laat merken dat je de ruzie/ het probleem serieus neemt.
  • Geef ze het vertrouwen dat ze de ruzie nog steeds eerlijk kunnen oplossen.

Veel succes lieve ouders! En bedenk, het is een fase 😉

Heldere groet,

Petra

*Bron: CJG